Mag het ietsje meer zijn?
Aflevering: 07 dd. 3-10-2014 versie: 1.1
BOMEN MET BERT
DE VERHALEN
Het bonnetje van Slager Muilwijk Allereerst   valt   op   dat   de   bonnetjes   voor   de   oorlog   gedrukt   zijn.   De   datum laat   toe   dat   er   een   eindjaar   van   de   dertiger   jaren   wordt   ingevuld!   Maar 1953,   twee   maanden   na   de   Watersnood,   worden   ze   nog   gebruikt.   De zoon heeft de slagerij al overgenomen.
Je   kon   op   rekening   kopen,   maar   dan   wel   ’s   maandags betalen!   Later   is   de   slagerij   overgegaan   in   handen   van Keller.      Deze      had      ook      een      vestiging      aan      de Krispijnseweg,   dichter   bij   de   Erasmuslaan   dus.   En   ik geloof    dat    die    slager    ooit    naast    mijn    vader    in    het ziekenhuis heeft gelegen, samen op een 2-pers. kamer.
Dordrecht mei 1953 Als   je   in   1953   in   het   telefoonnummer   4395   belde   kreeg je    slager    Muilwijk    aan    de    lijn.    In    mei    1953    kocht    de familie   van   Loon   daar   hun   vlees.   Het   was   gebruikelijk om    “even    iets    op    te    laten    schrijven”    en    later    af    te rekenen.   We   kenden   de   familie. Aaf   Muilwijk   was   lid   van dezelfde     gym-vereniging     als     mijn     moeder:     OKK (Oefening     Kweekt     Kracht!     en     niet     zoals     sommige Dordtenaren   zeiden   Opa’s   Kale   Kont!.   Maar   dat   is   een ander verhaal) Iedereen kende elkaar toch? Het   gezin   van   Loon   bestond   uit   6   personen.   De   kinderen waren   niet   zo   heel   erg   dol   op   vlees.   Ook   de   vader   was geen   echte   vleeseter,   zeker   geen   vet   vlees.   Kip   en   vis kwamen zeer zelden op tafel. Eieren daarentegen wel.   Wat was er gekocht? 6 mei: ½   pond   runderlap   waarvoor   f.   1.10   betaald   moest   wor - den. 8 mei: 2 polet (poulet), f 0,88 1 (ons) biefstuk f 0,54 En weer een ½ p runderlap. 12   mei:   Waarschijnlijk   2   ons   runderlap   (mag   het   ietsje meer zijn) en 1 ons gehakt. Op    23    mei    wordt    er    2    ons    poulet    en    2    ons    gehakt gekocht, samen voor f 1.60. Dat klopt qua prijs. Daarna   mogelijk   3,5   ons   rundvlees   en   een   mergpijp   van een kwartje. In   totaal   wordt   er   dus   in   die   drie   weken   een   bedrag besteed van f 8,33.
Oh de inflatie! Omgerekend naar de prijzen van het jaar 2005 krijgen we het volgende plaatje:   soort Toen in 1953 Dat zou nu (2005) zijn Runderlap 1 kg Fl. 4.40 € 13,43 (= f. 29,61) Gehakt (ws mager) 1 kg Fl. 3.60 € 11,00 (= f. 24,23) Poulet 1 kg Fl. 4.40 € 13,43 (= f. 29,61) Mergpijp (gewicht onbekend) Fl. 0,25 €   1,68 (= f.   0,76) Samen met andere posten uit het kasboek is het totaal aan uitgaven aan de slager die maand op f 24,38. Zou nu zijn fl. 164,02 of wel € 74,43. Duurder? De grote vraag: Is het allemaal duurder geworden? In juli 2006 worden de volgende (kilo) prijzen aangetroffen bij de supermarkt C1000: Runderlap (mager) € 8,-- tot € 9,-- Gehakt (mager) € 6,-- Poulet (mager) € 5,-- tot € 6,-- Mergpijp was niet te vergelijken, nu meestal in soeppakket. Er kunnen gerust enkele euro’s bij de prijzen van nu opgeteld worden als er bij een keurslager gewinkeld gaat worden. Maar ook dan nog kan de conclusie worden getrokken dat de producten an sich niet duurder geworden zijn. De stijging van de prijzen zijn vooral het gevolg van inflatie. Anders uitgedrukt (koopkracht): met f 3,30 (= €1,47) in 1953 deed men net zo veel als met € 10,-- in 2005! Pak weg dus een factor 7.